Categorie archief: Horen

1½ meter sessie in het Plantsoen

Vroeger, in een ver ver verleden, waren er folksessies in café De Tregter. Toen dat nog bestond. Tegenwoordig is het een pizzeria en daar vinden over het algemeen geen folksessies plaats. Hooguit een Napolitaanse zanger, die gevoelige liederen ten gehore brengt. Of zoiets.

Maar dat betekende ook dat de folksessies, traditioneel altijd op de dinsdagavond, geen plek meer hadden. Na enige tijd weken de muzikanten echter uit naar café Plantage, een oude bruine kroeg aan het begin van de Hogewoerd. Daar werden de sessies op de dinsdagavond, tot grote vreugde van de vele liefhebbers, voortgezet. Een kerngroep was altijd aanwezig maar er verschenen ook gastmuzikanten die gezellig kwamen meespelen. En zo was het altijd weer feest op de maandelijkse folksessie.

Totdat corona, ook wel Covid-19 geheten, langs kwam. Die vreemde gast had het niet zo op sessies en al zeker niet op luide samenzang. Dus exit folksessies. Maar dat was buiten de spreekwoordelijke waard gerekend. Want niet ver van café Plantage bevind zich het mooiste stukje groen van Leiden-stad, namelijk het Plantsoen. Vorstelijk gedrapeerd langs de langzaam voortvloeiende golfjes van de singel, met majestueuze bomen met daaronder heerlijke koele plekjes in het gras.

Al snel hadden de muzikanten door dat hier prima zomerse sessies kunnen worden gehouden, waarbij het heel goed mogelijk is om de gevraagde 1½ meter afstand tussen mensen te bewaren. Lekker relaxen in de schaduw, enkele eenden die even hun belangstelling tonen, voorbijvarende sloepen, wandelaars, hardlopers, geruis van het bladerdak, en dat alles gratis in het Plantsoen.

Hou de Facebook pagina in de gaten voor het vervolg.


Rembrandt Frerichs’ “Chiaroscuro” – eigenzinnig klassiek

Vuur, vlammen, stilte, overpeinzing, drukte, leegte. Allemaal woorden die een gemoed kunnen uitdrukken. En dat waren ook de woorden die ik ervoer bij het programma “Chiaroscuro” van het Rembrandt Frerichs Trio, afgelopen zaterdag in de Aalmarktzaal in Leiden.

Voor dit programma was het trio versterkt met Ties Mellema op diverse saxen en de Vlaamse cellist Benjamin Glorieux. Allemaal klassiek geschoolde muzikanten, maar ook met een rafelig jazzrandje en liefhebbers van geïmproviseerde muziek.

Eega en ik gingen naar dit concert omdat wij eerder dit jaar in mei kennis hadden gemaakt met het Rembrandt Frerichs Trio bij de opening van het Cultuurplein Lammermarkt. Het korte optreden daar, met de Franse topsaxofonist Sylvain Rifflet, blies uit onze schoenen.

Ergo, kaartjes voor het concert in de Aalmarktzaal waren snel aangeschaft.
De naam van het programma “Chiaroscuro” komt uit de schilderkunst. Het is een techniek waarbij de licht-donker contrasten sterker worden gemaakt dan ze in werkelijkheid zijn. Rembrandt (de schilder) was hier een meester in. De jonge Rembrandt (Frerichs dus) pas dit ook in zijn muziek toe.

De avond bestond uit klassieke muziek, die eigenlijk opnieuw werd uitgevonden door de muzikanten. Zo begon een Sarabande van Bach echt klassiek met de cello van Benjamin Glorieux. Gedragen en ernstig, zoals we gewend zijn. Daarna nam Ties Mellema het over met zijn saxofoon, maar dan improviserend op het thema. En conform de jazztraditie volgden daarna solo’s van de piano en het slagwerk. Plukkend, trekkend, duwend, een hotseklotsende Bach. Hij zou er misschien van hebben opgekeken, maar ongetwijfeld zou hij het ook hebben gewaardeerd.

Messiaen komt voorbij en ook een stuk van Debussy, vlak voor zijn dood geschreven. Je hoort de duistere tonen van de Eerste Wereldoorlog, maar ook het licht, het leven. Opnieuw in een nieuw jasje gestoken. Diepe indruk maakte een werk, dat in 1942 werd gecomponeerd in een Duits gevangenkamp. Onheilspellende muziek, dan weer zacht, dan weer oorverdovend. Na de laatste zachte tonen bleef het even stil in de zaal.

Ik heb nooit geweten dat de combinatie van saxofoon en cello uitstekend werkt, in elkaars verlengde kan liggen. Zowel Mellema als Glorieux zijn uitmuntende musici. Soms klinkt het zelfs alsof je twee saxofoons tegelijk hoort spelen en dan staat er toch maar één Mellema op het podium. Kortom, een avondje briljante muziek.

Als je van jazz houdt, of van klassiek, of van improvisatie, ga dan eens naar een optreden van het Rembrandt Frerichs Trio. Je zult ervaren dat je kijk op muziek na afloop misschien wel iets veranderd is.

Hieronder een video van het Rembrandt Frerichs Trio. Helaas zijn er “Chiaroscuro” nog geen bewegende beelden te vinden.

Back to the roots: Theaterspektakel STORK

Van geboorte ben ik een Tukker. Een Oelenaar, om precies te zijn. Oele is een buurtschap ten zuiden van Hengelo, richting Haaksbergen. Vroeger een aards paradijs, met akkers, weilanden, bossen en boerderijen. Tegenwoordig grotendeels een industrieterrein, doorsneden door de A35. Landelijk gezien een prachtig gebied, waar nog een watermolen staat uit 1690. Als kind heb ik daar flink gespeeld, dijkjes bouwen met steentjes en af en toe voor een stuiver snoep halen in de oude snoepwinkel. Mondriaan vond het ook een mooi gebied, getuige zijn schilderij “Bos bij Oele”.

Tot mijn achtste woonde ik daar in een boerderij, daarna heb ik nog vijf jaar in Hengelo zelf gewoond, alvorens naar Leiden te verhuizen.

De reden dat eega en ik weer eens naar Hengelo gingen was het theaterspektakel STORK! – een ode aan de Twentse maakindustrie. Stork was een grote naam in Hengelo. Mijn vader werkte daar, mijn twee opa’s hebben daar gewerkt, twee ooms eveneens. Wellicht nog wel meer familieleden, maar daar heb ik dan geen weet van.

Het theaterspektakel was groots opgezet. Een grote cast met een aantal bekende acteurs speelden op een oud fabrieksterrein van Stork, Ketelfabriek Hart van Zuid. Gespeeld werd in de open lucht, in een industriële setting. Tribunes er om heen voor het publiek, ruim duizend mensen per voorstelling. Een muziekkoepel voor het vermaak vooraf en een grote cafétent voor de drankjes voor en na de voorstelling.

 

Maar het meest bijzondere was wel de grote NTS Norma restauranttent. Een immens grote tent, waar alle bezoekers werden vergast op een driegangen diner. Moet je je dat eens voorstellen, ruim duizend man in een grote tent die allemaal eten en drinken krijgen. Prijs inbegrepen in de ticket. Op de tafel staan rode en witte wijn, water en een speciaal Stork Jubileum Pilsner van de Twentse Bierbrouwerij. Onbeperkt drinken en een menu uit de jaren zestig. Brood en salade op tafel, oma’s groentesoep met vlees, een kipstoofpotje en hangop als toetje. Een grootse happening.

fullsizeoutput_179b

Tijdens het diner begint het buiten te regenen en dat houdt niet meer op. De hele voorstelling regent het.

STORK 150!

Midden in de toneelruimte staat een enorme machine. Een stoomgemaal van begin 20e eeuw maar met nog meer rare uitsteeksels. De machine is voorzien van loopbruggen waarop mensen kunnen staan. Er hangt een grote, antieke fabrieksklok met daaronder het jaartal 2018. Er staat een hoge schoorsteen met erbovenop een leeg ooievaarsnest. De wijzers van het uurwerk beginnen tegen de klok in te draaien, het jaartal telt terug naar 1968.

Een stoomfluit klinkt. We zijn op de honderdste verjaardag van de firma Stork.

Zo staat het beschreven in de “Hengelosche Fabrieksbode”, het weekblad voor het personeel der Koninklijke Machinefabriek Gebr. Stork & Co. N.V.

 

Het is een geweldige ervaring om dit mee te maken. Ondanks de gestage regenval is het echt een spektakel, met de opkomst en ondergang van Stork en daar doorheen een onmogelijke liefde. Het wordt met een enorme drive gespeeld, inclusief Twents dialect.

Mij brengt het weer even terug naar mijn wortels. Het land waar ik vandaan kom, waar ik ben opgegroeid, onder de rook van Stork. Ik zien mijn vader nog op zaterdagochtend naar zijn werk gaan, op de fiets met een metalen doosje met eten onder zijn snelbinder.

Hieronder een filmpje van het liedje “Wat als”, dat de kern van de voorstelling is. Wat als de familie Stork eigenaar was gebleven, was de firma dan nu nog bestaand?

A Trip Down Memory Lane: My Generation

Een paar weken geleden zag ik de documentaire “My Generation” in het Kijkhuis. Het is een heerlijke documentaire voor mensen, geboren in de jaren 40 en 50. De documentaire geeft een beeld van het Engeland van de jaren 60 en de grote culturele veranderingen, die er toen plaatsvonden.

De opkomst van de Amerikaanse rock ’n roll, onmiddellijk gevolgd door de Britse beatbandjes onder aanvoering van de Beatles en de Rolling Stones. En de grote veranderingen op modegebied, zoals de minirok. Wie kent Twiggy niet.

Ook de kapperswereld maakte een revolutie door. Het lange haar bij jongens en mannen kwam op, een kapper als Vidal Sassoon werd een beroemdheid meet zijn asymmetrische kapsels.

Er ontstond een nieuwe jongerencultuur van twintigers en tieners, die zich niet meer door hun ouders lieten voorschrijven wat en hoe te doen / gedragen.

De bekende acteur Michael Caine liep al jaren met de gedachte rond om deze veranderingen eens in een documentaire te vatten, zonder direct academisch alles te willen vatten en verklaren.

Daardoor is deze documentaire licht verteerbaar, zit vol met prachtige beelden en schitterende muziek. Kortom, genieten van al het fraais.

De docu draait nog in verschillende filmhuizen in den lande. Check even bij film.nl waar precies.

Hieronder de trailer voor een aardige indruk.

De Leidse Lakenfeesten, al weer even voorbij

Logo_Lakenfeesten_2018Het is al weer een week geleden dat Leiden weer kon genieten van de Lakenfeesten. Vier dagen lang wordt de stad weer overspoeld door allerhande evenementen, groot en klein. Het topevenement is natuurlijk de Peurbakkentocht op de vrijdagavond. Helaas was het een kans fris weertje en omdat er ook nog een paar WK-wedstrijden waren, besloten we om dit evenement maar over te slaan. Naar verluid was het wel weer een groot succes, met duizenden kijkers op de kaden.

Ook Leiden Culinair, het proefevenement van de Leidse horeca, was weer vier dagen present op de Lammermarkt. Ook niet bezocht dit keer, eigenlijk om dezelfde reden.

Op zaterdag de traditionele Dragonboatraces, vanuit de verte gezien, het Leids Bierfestival, het Zomers Kunstweekend, de nostalgische kermis, de Hollandse Avond, de Gouden Eeuw Markt, de Rapenburgrace voor de zwemmers en, nieuw, het Van Rijn Festival.

Op zondag het Zomers Kunstweekend, de kermis, de Gouden Eeuw Markt, een curiosamarkt en het onbetwiste hoogtepunt van de Lakenfeesten, de Gouden Pet. Een groot straatconcours voor straatmuzikanten van heinde en verre. Overal muziek in het centrum, een spectaculair zonnetje en dus een geslaagd feest.

Hieronder een aantal foto’s en filmpjes van de Lakenfeesten.

 

Toch nog even het Feest der Feesten, 3 October

Het is inmiddels al weer een paar weken geleden, Leidens Ontzet. Maar ik kan er niet omheen, omdat we dit elk jaar weer vieren. De ene keer uitgebreider dan de andere keer, maar je ontkomt er niet aan (tenzij je als vluchteling naar de Efteling gaat).

Dit keer begon het op zaterdagavond 1 oktober met de traditionele Hutspotmaaltijd op de Hooglandse Kerkgracht (ook bekend van Beelden in Leiden). Eerst in de rij, onder de paraplu, wachten en ondertussen verscheen er een mooie regenboog. Dan, als het droog is geworden, de bak met hutspot verorberen.

En dan maandagochtend om 7 uur klaar staan op het Stadhuisplein voor de Reveilll-je. Zingend de dag beginnen, de aftrap van 3 October. Daarna naar het Van der Werffpark voor de traditionele Koraalzang onder leiding van de altijd gedreven dirigent Wim de Ru. Even onderbroken voor de Den Tonkelaar rede, humor met een randje van Joost Bleijie. Dan weer een stukje lopen, richting de Waag om aan te sluiten in de inmiddels ellenlange rij wachtenden voor de uitreiking van Haring & Wittebrood. Wederom een prachtige traditie, die dit keer langer duurde dan anders.

Na de haring te hebben laten schoonmaken, gaat de Leienaar even zitten voor een kopje koffie met gebak. Dat hoort er ook bij. Dan snel de haring naar huis brengen en de stad in om de kermis te proeven. Het is nog redelijk vroeg en ook nog redelijk rustig op de kermis, hoewel het allengs drukker wordt. Waarna het langzamerhand tijd wordt om een kijkplek te vinden voor de Grote Optocht met als thema “Leiden Ontspan-je”. Waarna de feestvreugde voorbij is. Op naar 3 October 2017.

Hieronder een aantal foto’s van de twee dagen en daaronder nog twee korte filmpjes van de Reveilll-je en de Koraalzang. Veel plezier!

Heerlijke Midnight Walk door sprookjesachtig Leiden

Na een warme dag volgde een mooie zomeravond. Een uitstekende avond voor de inmiddels traditionele Leidse Midnight Walk. Een wandeling van ruim 4 kilometer door de prachtige oude binnenstad van Leiden. Deze wandeling wordt georganiseerd door ‘Zonta aan de Leede’ en de ‘Soroptimist Leiden & Aurora’, twee clubs die de opbrengst ten goede laten komen aan kleinschalige goede doelen. Dit jaar waren dat twee projecten in Afrika, ‘Vrouwen aan de Bal’ in Kenia en ‘Stop Schooluitval’ in Oeganda.

Traditiegetrouw is de start op de Beestenmarkt, waar de meer dan 1.000 deelnemers geduldig wachten op hun startogenblik. The Backseat Window, een klassieke coverband, vermaakte het publiek met swingende covers uit de jaren 60, 70, 80 en 90. Prima start van de culturele wandeling.

Na een stukje lopen over de Oude Vest kwam het eerste optreden in zicht. Bijna voor de Leidse Schouwburg gaf Toneelgroep Al Dente een voorproefje van hun nieuwe stuk “Odysseus, Misdadiger”. We zagen Jasper Groos als Odysseus en Hannah Groos als Athene. Op 29 oktober gaat dit toneelstuk in première in het voormalig Natuurhistorisch Museum aan de Raamsteeg in Leiden. Kijk op de website voor meer informatie.

Tijd om weer door te lopen, verder over de Oude Vest, door de middeleeuwse Koddesteeg (waar dichteres Pink Meltzer lekker buiten zat te eten en waar we ook nog een lekker biologisch appeltje kregen van Beebox) en de Clarensteeg naar de Noordrundersteeg. Daar speelde het welbekende Leidse ’t Valies een mooie akoestische set van folk en country met een mix van oude jazz en nieuwe muziek er doorheen. Heerlijke muziek op een prachtige rustige plek in hartje Leiden.

Via de Vollersgracht en de Van der Werffstraat naar de speelplaats aan de Hekkensteeg. Temidden van de jaren 70 nieuwbouw ligt daar een heerlijke speelplaats verborgen, waar kleine kinderen onbekommerd kunnen spelen. En dat midden in de stad. Voor ons als wandelaars stonden daar nu de Nostalgini’s met droevige Hollandse smartlappen. Meezingers en meedeiners op een warme zomeravond, meer kunnen we bijna niet wensen.

De Hekkensteeg uitgelopen, een stukje terug over de Oude Vest, brug over naar de Volmolengracht en dan via de Langegracht naar VKC De Spiegeling, een centrum voor vrouwen en kinderen. Binnen in het vrij grote, mij onbekende gebouw, was een optreden van, ja, van wie eigenlijk. Het was daar zo druk dat we wel muziek hoorden, maar niets zagen. Dan maar doorgelopen naar de Baatstraat, waar dichter Frans Terken voorlas uit eigen werk.

De hoek om en via de Oostdwarsgracht weer terug naar Oude Singel, waar Ben & Friends genoeglijk in een boot muziek zaten te maken. Deze bende van Ben spelen Ierse en Schotse folk, ballads, meezingers, kortom alles wat naar muziek riekt. Elke tweede dinsdagavond van de maand kun je deze muzikanten aantreffen in café de Tregter voor fijne folksessies. Het klink in ieder geval uitnodigend genoeg om eens een kijkje te nemen.

img_1076

Daarna een stukje over de drukke Pelikaanstraat richting de Oude Rijn. Daar stond Troubadour Bart bij de Kerkbrug, die zoveel mensen om zich heen had verzameld dat hij voor ons niet meer zichtbaar was. Dus snel doorgelopen naar de Hooglandse Kerkgracht, het jaarlijkse toneel van Beelden in Leiden. Maar dit keer geen beelden, maar Arabische muziek en dans van Chakchouka, een Egyptische dansgroep, met begeleiding van Sattar Al Saadi. Mysterieuze klanken op een sprookjesachtige gracht, met mysterieus dansende vrouwen. Dromerig genieten van andere culturen, die veel te bieden hebben.

Een stukje verderop nog een feeërieke vertoning onder de majestueuze bomen op de gracht. Daar hing Anne Kleijne in de bomen met regenboogkleurige vleugels als een lauw genietend insect, dat het publiek minzaam groette. Een sprookjesachtig beeld op deze oude gracht, temidden van de grote oude herenhuizen.

Aan het eind van de gracht, aan de voet van de Hooglandse Kerk, speelde Simon Oak, een singer-songwriter maar ook een begenadigd gitarist. Relaxte muziek in deze bijna heilige omgeving, nog verluchtigt door de Act de Fuego, een groep jongeren met liefde voor FlowArt. Vuurspuwen met de kerk op de achtergrond doet je denken dat je in de middeleeuwen bent aangeland. 

Tot slot via de Nieuwstraat en de Burgsteeg naar de Koornbeurs, waar Musicalgezelschap De Hollandse Nieuwe een voorproefje gaf van hun nieuwe voorstelling “Hutspot, de musical, een KlapStuk”. 24 en 25 september te zien in het Best Western City Hotel op de Lange Mare. Ouderwetse liedjes, met vaart en enthousiasme gebracht door een deel van het gezelschap. Te zien aan de reacties van het publiek zit de zaal die dagen zeker vol.

En hierna besloten we om maar weer eens naar huis te wandelen, in de wetenschap dat we daarmee nog drie acts lieten lopen. Maar het was welletjes, de benen en voeten richtten zich automatisch huiswaarts. Maar volgend jaar zijn we zeker weer van de partij, bij de volgende Midnight Walk.

The Royal Dutch Scam speelt Steely Dan tijdens Leidse Jazzweek

Het was al weer een aantal jaren geleden dat ik de Leidse Jazzweek had bezocht. Persoonlijk ben ik niet zo’n liefhebber van uitpuilende cafeetjes, waar dan ergens in de verte tussen de mensenmassa geluid werd geproduceerd door onzichtbare muzikanten. Plus dat de term “Jazzweek” de lading grotendeels niet meer dekt. Het is inmiddels een allegaartje geworden van muzikale stijlen, waar op zich niets mis mee is, maar een “Jazzweek” is volgens mij toch iets anders.

Dit jaar had ik het programma weer eens nauwgezet bestudeerd, met uitzondering van de kroegentocht die aan mij dus niet is besteed. En daar zag ik warempel een klein hoogtepunt, want op vrijdag 22 januari speelde The Royal Dutch Scam in de Tuinzaal van de Burcht. Een 10-koppige band, die alleen maar nummers speelt van Steely Dan, met toevoeging van jazzy improvisaties. Een band ook met roots in de Leidse regio. Opgericht door Lo van Gorp (zang/sax), die er tijdens een jamsessie in het Leidse jazzcafé De Twee Spieghels achterkwam dat de toen aanwezige muzikanten allemaal gek waren op de muziek van Steely Dan. En zo is het gekomen…….

Dat was dus een mooie reden om de Jazzweek weer eens te bezoeken. Ergo, rond een uur of acht lopend naar de zaal, door de gestaag vallende regen. Aanvangstijd: 20.30 uur, zaal open 20.00 uur. Maar aangekomen bij de zaal bleek die nog potdicht te zitten. Foutje, bedankt. Aanvangstijd bleek een uur later te zijn. Dan maar weer door de regen teruglopen naar huis, want ik had geen zin om een uur in een café te gaan zitten wachten.

Afijn, een uur later opnieuw door de regen naar de zaal, die nu wel open bleek. En ja hoor, even na half tien verschenen Lo van Gorp en kompanen op het podium. En begon het grote genieten, de herkenning van de oude Steely Dan nummers, maar ook de bijna perfecte uitvoering door The Royal Dutch Scam. Allemaal muzikanten die hun sporen verdiend hebben. Met o.a. de uitstekende gitarist Thomas Bekhuis en de felle saxofonisten Tom Beek en Arjan Muusz. En niet te vergeten de drijvende krachten, Boudewijn Lucas op bas en Mark Stoop achter de trommels. Plus nog eens drie swingende achtergrondzangeressen.

Het geluid, zo belangrijk bij Steely Dan, was kristalhelder, perfect ingesteld voor de zaal. Eindelijk weer eens een band die het prima voor elkaar heeft.

Twee uur genieten dus en onderstaand filmpje geeft slechts een kleine impressie van dat genieten.

Een saai weekje van een oudere niet-werkende

Of hoe kom je het leven door! (deel 1)

Vaak hoor ik of lees ik verhalen over oudere mensen. Dat die zo actief zijn of dat het de ‘profiteurs’ zijn van deze tijd. ‘Zij’ kunnen genieten en de ‘anderen’ moeten hiervoor inleveren. Vreselijke mensen dus eigenlijk.

Laat ik hierover nu eens een boekje open doen, vanuit mijn eigen praktijk. En jullie meenemen op een klein reisje door de tijd van ongeveer anderhalve week. Wat heb ik in die tijd gedaan?

Onder het genot van de nieuwe plaat van Guy Garvey, de zanger van Elbow, zet ik mij daarom  achter dit kleine Apple toetsenbordje.

Anderhalve week geleden begon het weekend met een feestje van een van de Leidsche Mondialen. Dat is een groep kunstenaars uit Leiden, die op verschillende plekken in Leiden hun werk tonen. Hubert van der Meij, die werkt onder de naam Hepas Atelier, had een nieuwe atelierruimte betrokken in Katwijk. Een prachtige grote ruimte, waar vroeger een muziekkorps had lopen marcheren. Het zat gezellig vol met familie en andere Mondialen en zo aan het eind van een lange donkere dag smaakte de erwtensoep prima. Op de een of andere manier vind ik het werk van Hubert wel aansprekend met die felle kleuren. Hij noemt het zelf ‘spontane kunst’ omdat hij gewoond ergens begint en hij dan wel ziet waar hij uit komt. Onderstaand werk Koetje in de war heb ik dan ook ‘spontaan’ meegenomen.

IMG_0614

Daarna was het tijd voor het weekend. Omdat ik nog steeds sportverslaggever ben voor Studio Alphen stonden er twee voetbalwedstrijden op het programma. Dat waren Koudekerk – BSC ’68, een lokale derby met twee koplopers, en De Zouaven – Alphense Boys in het verre Grootebroek (vlakbij Enkhuizen). De zaterdagwedstrijd werd gespeeld onder het genot van harde wind en regen, maar het was leuk om weer eens een aantal oude bekenden uit Rijnwoude te ontmoeten. Een beetje onverwacht won BSC met 0-2. Trainer Alex Redel van Koudekerk was dan ook zeer ontevreden over het spel van zijn ploeg, vertelde hij in het interview na de wedstrijd.

De volgende dag vroeg op pad naar Grootebroek. Eerst om Amsterdam heen, de tunnel door en dan het weidse Noordhollandse polderlandschap in. Purmerend voorbij en dan rechtsaf bij Hoorn, waarna je na enige tijd bij Grootebroek komt. De Zouaven, bekend van Frank en Ronald de Boer (die begonnen daar hun voetballoopbaan), blijkt een gezellige vereniging met dorpse allures. Tijdens de pauze geen obligaat kopje slappe koffie, maar zelfgemaakte erwtensoep. Waarna uw verslaggever weer goedgevuld op de tribune kan plaatsnemen voor de 2e helft. Een lastige wedstrijd voor koploper Alphense Boys, want er wordt met moeite een 3-3 gelijkspel behaald. Na afloop een kort interview met een teleurgestelde trainer en daarna nog even een biertje in de bestuurskamer. En dan snel de auto in voor de lange terugreis.

Tussendoor nog even naar de feestelijke avondopenstelling van het Rijksmuseum van Oudheden geweest, waar ik hier al eerder over schreef.

Vervolgens op een doordeweekse dag een ochtendje brainstoeien over een idee van een goede kennis. Hij maakt zich zorgen over de verwildersing van de maatschappij. Zijn uitgangspunt is dat mensen een veel grotere invloed op het bestuur horen te hebben en de vraag is dan hoe je dat zou kunnen bereiken. In zijn visie zou een medium als Facebook daar een rol in kunnen spelen. Een interessante gedachte, waar heel wat mitsen en maren bij zijn te bedenken. Ik vind zelf ook dat de mensen vaak door de politiek worden bedot en dat het loont om de politiek weer dichter bij de burgers te brengen. Mensen moeten de kans hebben om fatsoenlijk te kunnen meepraten. Hoe dat dan precies moet, dat zou ik ook niet 1-2-3 weten, maar verandering is nodig.

Daarna ’s avonds weer naar het Leidse Volkshuis voor de cursus Kunstgeschiedenis over de kunst vanaf 1900. Deze avond vooral aandacht voor het Dadaïsme, het surrealisme en nog een stukje De Stijl.48_dada_siegt_Raoul_Hausman

Het verhaal van deze week wordt al weer te lang, dus morgen het tweede deel van het saaie weekje van een oudere niet-werkende.

 

 

Poëzie aan de deur

Plotseling gaat rond een uur of twee de bel. Dat kan de pakjesman van TNT niet zijn, want die komt altijd ‘s-ochtends om vooral pakjes voor de diverse buren af te leveren.

Het kan ook geen meteropnemer van een of andere energieleverancier zijn, want die zijn al geweest. En een collectant op dit tijdstip is ook hoogst onwaarschijnlijk. Dat weet ik nog uit mijn vroegere leven, toen ik nog met stroopwafels langs de deur ging (heel lang geleden al). Want je wacht altijd op het meest gunstige moment dat mensen ook thuis zijn.

Wat kan het dan zijn. Nieuwsgierig loop ik naar beneden en zie de donkere man voor de deur staan. Geen idee of het een Afrikaan, een Surinamer of een Antilliaan is. Op zijn arm draagt hij een dikke map met papieren. Toch een verkoper, denk ik. Meestal wimpel ik die zo snel mogelijk af.

Maar ik wil toch wel even weten wat hij dan te verkopen heeft. Als ik de deur open doe, verschijnt er een brede, hoopvolle glimlach op zijn gezicht. Hij begint te praten, met een beetje vreemd accent. Alsof het praten hem moeite kost. Het valt me ook op dat hij maar een tand in zijn mond heeft. Althans, dat is wat ik zie en wat mij opvalt.

Zijn manier van praten dwingt mij om geconcentreerd te luisteren. Hij vertelt dat hij een dakloze is, die geld probeert in te zamelen voor de nachtopvang. Die kost hem 4,50 euro. En hij heeft bedacht dat hij daarvoor zijn gedichten, zelf geschreven, gaat voordragen. En dat degene die naar hem wil luisteren dan minimaal 2 euro betaalt. Daarvoor krijg je dan ook nog het gedicht op papier, voorzien van naam en handtekening van de kunstenaar.

Ik vind dit een geweldig idee en zeg hem dat ik graag wil luisteren. Waarna hij op een geheel eigen, unieke wijze begint met het voordragen van het gedicht Je wereld zonder huis. Met onverbloemd enthousiasme en nauw verholen trots, wiebelend van zijn ene op zijn andere been, draagt hij zijn gedicht voor.

Ik geef hem 2,20 euro, alle kleingeld dat in huis is. Hij is er blij mee en ik neem me voor om hem een volgende keer 5 euro te geven. Als hij nog een keer langs komt. Ik krijg mijn gedicht en zie dat hij Glenn heet.

Hij blijft nog even staan en praat nog wat door. Kennelijk is hij verrast dat iemand naar hem wil luisteren. Nadat ik afscheid van hem heb genomen, hoor ik de bel bij de buren gaan. Ik hoor dat de deur na 10 seconden weer dichtgaat.

IMG_0553