Categorie archief: Leiden

Kunstroute Leiden, vol verrassingen

Gisteren was de eerste dag van de Kunstroute Leiden, die dit jaar al weer het 20-jarig bestaan viert. Het is een open atelierroute met ruim 140 deelnemers. Dat is dus een heel groot aanbod, waaruit je een al dan niet verstandige keuze moet maken. Op zich al moeilijk genoeg, ware het niet dat The Big Draw Leiden er ook nog is en een Verrassend Winkelweekend. Kortom, het hoofd tolt weer helemaal om.

Maar ik besloot om gisteren dan toch maar een paar deelnemers van de Kunstroute te bezoeken. Om te beginnen Studio Varf op de Hogewoerd, net om de hoek van mijn woonstraatje. In die studio werkt Hans van der Velde op een manier die niet zo veel meer voor komt. Hij werkt namelijk vanuit de oude technieken van de grote meesters, waarbij hij zich vooral richt op het kleurgebruik. Ambachtelijke kunst dus. Hieronder zie je een “grisaille” van hem. In een “grisaille” worden geen natuurlijke kleuren gebruikt, maar worden schakeringen van één kleur (meestal grijs of bruin) gebruikt.

 

Hans van der Velde - GrisailleVanaf de Hogewoerd liep ik langs de Nieuwe Rijn richting stad en zo kwam ik terecht in het atelier van Ans Zuyderhoudt. Hoe vaak ik hier al langs ben gelopen, weet ik niet meer, maar dit atelier was me nooit opgevallen. Zij maakt bijzondere vormen met hoogdruk, waarbij laag over laag wordt aangebracht. Op die manier ontstaan grillige, kleurrijke vormen die op de een of andere manier aan de natuur doen denken. Nieuw zijn in Photoshop bewerkte foto’s, die een heel nieuwe kijk geven op bv. de golfbrekers bij Haamstede. Persoonlijk vond ik die erg mooi. Hieronder een tekening die ze maakte voor haar atelierraam, en waarin je de golfbrekers ook herkent (of niet natuurlijk).

Ans Zuyderhoudt

Van de Nieuwe Rijn via de Middelstegracht naar de Kaasmarkt was een aangename wandeling. In de tuin van de oude Kaasmarktschool had ‘Lampie’ Wouda een kinetisch waterkunstwerk gerealiseerd. Kinetisch betekent in dit geval, dat de beweging centraal staat. Het werk van Wouda bestond uit een grote bak met water en een bouwwerk met drie tuingieters, die konden kantelen. Via slangen werden de gieters gevuld, waarna ze door het eigen gewicht kantelden en gingen sproeien. Daardoor ontstond een soort klein straalbuis-effect en ging het geheel langzaam draaien. En als de gieter leeg was, moest die door een contragewicht weer terug kantelen. Hier en daar moest nog een beetje bijgesteld worden, maar de bedoeling was duidelijk. Ik heb daar, in die oude tuin, toch even volkomen geïntrigeerd staan kijken naar kantelende gieters.

Lampie Wouda - Waterwerk

Van de Kaasmarkt dwars door de drukke stad naar de Oude Vest, naar het oude Coninckshof uit 1773. Daar was een beeldentuin ingericht door Atelier Morslevend van kunstenaar Simone van Olst. De vele beelden, van Simone zelf maar ook van vele cursisten, kwamen mooi uit in deze historische context. Beelden van vele soorten steen, meest non-figuratief. Bijna allemaal te koop voor leuke, interessante prijzen. Overigens zit er wel veel eenheid in de tentoongestelde werken, de reden waarom ontgaat mij. Hieronder een van de afwijkende beelden, een Dromedaris van Braziliaans speksteen, gemaakt door Kees en te koop voor 350 euro.

Kees - DromedarisVan de Oude Vest nu voor het laatste bezoek, via de geheel opgeknapte Breestraat, naar het pand waar vroeger boekhandel de Slegte in zat. In dit grote pand zit nu tijdelijk Even Open, een soort creatief pop-up warenhuis waarin kunstenaars en creatieve ondernemers elkaar tijdelijk hebben gevonden (en misschien wordt het wel blijvend, in de een of andere vorm). In de winkel vindt je eigenlijk van alles, van schilderijen tot kinderkleding en alle creatieve kunstvormen daar tussen in. Echt zo’n zaakje waar je een uur kunt ronddwalen en waar je dan van alles kunt tegenkomen. Hieronder een doorzicht van dit creatief warenhuis.

Pop-up warenhuis Even Open

En daarmee zat de eerste dag van de Kunstroute er op. Vandaag, zondag 28 september, is er nog een tweede dag, tot 18 uur.

 

 

 

 

De bevrijding van de Bossche Bollen

Tuut-tuut-tuut, het geluid van een vroege wekker. Zaterdagochtend, tijd voor een croissant van Mamie Gourmande. Met een krantje en een krachtige kop koffie er bij realiseerde ik mij dat ik nog een Keuzekaartje had van de Nederlandse Spoorwegen. Geldig tot en met 2 september, nog een paar dagen dus. Niet geldig op de maandag, dus daar ging al een dag. En op zondag wilde ik de laatste dag van Gerrit Dou meemaken, in de Leidse Lakenhal.

Dat betekende dus dat ik er vandaag gebruik van moest maken. Het leek me een mooie dag om eens wat Bossche Bollen te bevrijden uit het zuidelijke keurslijf. Na de tweede kop koffie, wederom krachtig, dus in de schoenen geklommen. En toen doemde de eerste vraag op, Leiden Centraal of Leiden Lammenschans. Nog zo’n twintig minuten tot de vertrektijd op Lammenschans leek me een beetje kort. Ook omdat ik de Keuzedag nog op de OV-Chipkaart moest zetten, daarom maar besloten tot een wandeling door de stad naar Leiden Centraal.

Het was nog rustig in de stad en op de markt. Op de terrassen zaten al wel vroege koffieslurpers, maar echt vol was het nog niet. Geen wonder ook, want de dreiging van een fris buitje was alom aanwezig. Overal zag je al de voorbereidingen voor het Verrassend Winkelweekend, maar ik had daar weinig oog voor. Immers, ik had een missie! De bevrijding van een viertal Bossche Bollen in Oeteldonk, een operatie die met militaire precisie zou moeten worden uitgevoerd. Bij Leiden Centraal aangekomen moest er nog zeker een kwartier worden gewacht op de trein naar Utrecht Centraal.

Om mij voor te doen als een gewoon reiziger, die geen kwaads in de zin heeft, nam ik het boek De Pelgrim uit mijn paarse tasje van de Beverwijkse Bazaar. U ziet, mijn vermomming had een groteske gedaante aangenomen, maar ik vermoedde dat hiermee niemand mijn snode plannen zou opmerken. Overigens is De Pelgrim een hele til, dik 700 pagina’s telt aan.

Nadat de trein was komen aanrollen, verschanste ik mij boven aan de linkerkant, zodat ik een goed uitzicht had. Belangrijk om eventuele vijanden tijdig te kunnen opmerken. Na het schrille fluitsignaal zette de trein zich in beweging en was de operatie gestart. Langzaam rolde de trein Leiden uit, versnellend richting Utrecht. Onderweg had ik een mooi uitzicht op de groene weilanden, waarin het zwart-bonte vee mooi afstak. Bij Bernardus, mijn oude voetbalclubje in Hazerswoude-Rijndijk, werd wat getraind. Echt druk was het niet, maar de competitie was dan ook nog niet begonnen.

Na wat stops in Alphen, Bodegraven en Woerden naderde de trein Utrecht. Het immense station is daar nog steeds in aanbouw of beter gezegd verbouw. Het is nog steeds een rommeltje, maar na wat dringen voor de roltrap kon ik redelijk snel naar perron 14/15 verkassen voor mijn aansluitende trein richting Maastricht. Opnieuw was het niet druk in de trein, kennelijk hadden niet veel Randstedelingen zin in het Preuvenement dat daar plaats vond en waar koning en koningin 200 jaar Koninkrijk vierden.

Jan de Groot_logoTussen Utrecht en Den Bosch is het altijd leuk om de bruggen te tellen. Over de Lek, de Linge, de Waal en de Maas. En niet te vergeten het Amsterdam-Rijnkanaal. Langs Houten, Culemborg,  Geldermalsen, de stompe toren van Zaltbommel kedengde de trein naar Den Bosch. Of ‘s-Hertogenbosch zoals het officieel heet. De bisschopsstad met de prachtige Sint-Janskathedraal. Maar die mooie stad was niet mijn doel. Dat was het etablissement van Jan de Groot, een paar minuten lopen van het station.

Daar, achter die gevel met dat oude balkonnetje, dat hoge pand aan de Stationsweg, met die gemoedelijke lunchroom, daar bevonden zich de objecten van interesse. Grote bollen, bedekt met een exquise chocoladelaagje en gevuld met een heerlijke soezerige geklopte room. Bollen die je niet zo maar kunt eten, maar waarvoor je een scherp mesje en een vorkje nodig hebt. Bollen, die als je ze aansnijdt, niet in elkaar ploffen, maar trots rechtop blijven staan. Stevig, onvervaard, wachtend op een ferme hap.

Schichtig om heen kijkend of ik niet gevolgd was door onguur volk, begaf ik mij met de stationstrap omlaag en kruiste het voor het station gelegen plein. De regen druppelde gestaag omlaag, waardoor de overige wandelaars weggedoken zaten in hun kraag of onder een paraplu. Ik merkte dat ik niet werd gevolgd en sloot mij schielijk aan bij de wachtende rij voor de winkel. Uit alle delen van Nederland waren de bevrijders gekomen, dat hoorde ik aan de diverse dialecten die werden gesproken.

Jan de Groot_winkelLangzaam verplaatsten de mensen in de rij zich, richting toonbank. Toen ik daar was aangekomen merkte ik dat mijn mond droog was geworden van de spanning. Zou het lukken? Met een haast onhoorbare zucht slaagde ik erin om “vier bollen” te stamelen. De jonge vrouw achter de toonbank keek mij met een vorsende blik aan. Ik zag haar denken, “weer zo’n mannetje dat zo nodig onze Bossche Bollen wil bevrijden”. Maar ik week niet en dwong haar met mijn standvastige blik tot het vullen van een kleine kartonnen doos. Na met mijn geheime bankpas te hebben afgerekend, verliet ik schielijk het pand in de hoop dat het allemaal goed zou komen.

Ik was inmiddels ruim tien minuten op vijandelijk gebied en wilde zo snel mogelijk de Bossche fortificaties verlaten. Met een grote tas in mijn handen rende ik weer richting station, slechts een paar honderd meter scheidde mij van het veilige station en de daar gereedstaande trein. Snel beklom ik de trap omhoog, spoedde mij door de hoge stationsgang boven de perrons en daalde bij perron 4 weer naar beneden. Ik zag dat de trein op punt van vertrek stond en rende naar de nog openstaande achterste deur, daarbij gehinderd door de grote tas waarin de bollen zaten.

De conductrice bracht de fluit aan haar welgevormde lippen en met een laatste krachtsinspanning slaagde ik erin om naar binnen te springen. Achter mij sloten de deuren zich met een venijnig gesis. Ik keek om me heen en zag dat de trein helemaal vol zat. Ik worstelde mij door het smalle gangpad naar voren, maar telkens weer bleken de wagons tot de laatste plaats vol te zitten.

Er restte mij dus niets anders dan bij een trapje te blijven staan. Twee jonge meisjes, een jaar of achttien, vroegen of ze op het trapje mochten zitten. Ik schoof mijn tas met de doos Bollen wat naar achteren, want ik wilde voorkomen dat een onverlaat ineens met de schat aan de haal zou gaan. Bij wijze van begrenzing legde ik de paarse tas van de Beverwijkse Bazaar met daarin het dikke boek er bovenop. Schommelend snelde de trein door het regenachtige landschap, terug richting Utrecht.

Niet veel later kwam ik aan in de oude hoofdstad van het aartsbisdom Utrecht. Ik had inmiddels een lichte trek gekregen, maar besloot om de Burger King te laten voor wat die was. Ik wilde niet het risico nemen dat het volk ineens zou merken dat ik met een doos Bossche Bollen rondliep, want dat zou ongetwijfeld voor enig rumoer zorgen. Ik liep dus snel door naar het perron waar vandaan de trein richting Leiden zou vertrekken.

Het perron was nog leeg, want de vorige trein was slechts enkele minuten eerder vertrokken. Dat gaf mij de gelegenheid om een vriendelijk plaatsje uit te zoeken op een bank. Daar kon ik mij weer voordoen als een alledaagse reiziger, die met een dik boek op stap was. Gelukkig keek niemand naar de grote witte tas aan mijn voeteneind.

Twintig minuten later reed de trein het station binnen. Nadat alle passagiers de trein hadden verlaten, spoedde ik mij naar de voorste wagon om daar plaats te nemen. Ik vermoedde dat deze wagon redelijk stil zou blijven omdat het toch een aardige loop was vanaf de stationstrappen. En ik kreeg gelijk, want weliswaar kwamen er een paar medereizigers mij gezelschap houden, maar al met al geen gevaar.

Nadat de trein het Utrechtse station had verlaten, nam ik De Pelgrim weer ter hand. Een boek in de hand geeft een goede gelegenheid om steels rond te spieden, zonder dat dit al te zeer opvalt. Daardoor kon ik zien dat er geen gevaar uit de directe omgeving viel te duchten. Pas in Alphen aan den Rijn kwam er een enigszins onguur type tegenover mij zitten. Ik schoof de doos met bollen wat dichter naar mij toe en hield mij gereed om, indien nodig, onbarmhartig toe te slaan. Maar het bleek niet nodig en zo kwam ik ongeschonden aan op die kleine Leidse halte Lammenschans, waar ooit de jonge Cornelis Joppenszoon als eerste ontdekte dat de Spanjaarden, die Leiden belegerden, waren vertrokken.

Na het afdalen van de hoge trap was het nog maar een goede vijftien minuten lopen naar het eindpunt, veste Scholten. Ik keek om me heen maar merkte dat niemand enige aandacht aan mij schonk. Zo kon ik ongehinderd langs de Lammenschansweg lopen, waarna ik besloot om bij de Zeemanlaan ineens rechtsaf te slaan. Noem het een ingeving, maar op deze manier hoopte ik eventuele achtervolgers op een dwaalspoor te brengen. Langs de Cronesteinkade stak ik het bruggetje over om het laatste stukje ongezien achter het dikke gebladerte richting singel te kunnen lopen. Snel stak ik de singel over en stak het Plantsoen in, een van de mooiste plekjes van Leiden. Voor me zag ik jongens, maar dichterbij gekomen zag ik dat het onschuldige tieners waren, die vermoedelijk een blowtje wilden maken. Tussen de bomen door schoot ik het laatste straatje in, waarna ik opgelucht de sleutel in het slot van de voordeur stak.

Missie geslaagd, de Bossche Bollen waren bevrijd uit hun keurslijf. Het smikkelen kon beginnen!

Bossche_bollen

Einde Beelden in Leiden – Catinka Kersten wint Publieksprijs

SAMSUNG CAMERA PICTURESNa ruim twee maanden is er vandaag een einde gekomen aan Beelden in Leiden 2014. Traditiegetrouw wordt de laatste dag altijd de Leidsch Dagblad Publieksprijs uitgereikt. Dit jaar is Catinka Kersten de gelukkige winnaar met haar werk En iedereen hield de adem in tijdens die fractie van eeuwen. Dit werk is inmiddels aangekocht door Museum Beelden aan Zee.

Eerder werd de Frans de Wit Prijs gewonnen door Marleen Hartjes met haar werk Inception.

Als hommage aan Frans de Wit werd dit jaar aan negen jonge Nederlandse kunstenaars gevraagd om een sculptuur te maken met beton. De bedoeling hiervan was om de kunstenaars de mogelijkheden voor de beeldhouwkunst van dit bij uitstek hedendaagse materiaal te laten onderzoeken.

Het resultaat is een aantal zeer diverse sculpturen, waarin beton in meer of mindere mate een rol speelt. Opvallend is het grote verschil in sculpturen, maar eigenlijk is dit een teken des tijds. Hiermee wordt de vergaande autonomie van de moderne kunst benadrukt.

Beelden in Leiden is een jaarlijkse beeldententoonstelling op Leidens mooiste gracht, de Hooglandse Kerkgracht. De tentoonstelling trekt ieder jaar ongeveer 30.000 bezoekers.

12
Catinka Kersten bezig met het maken van haar prijswinnende sculptuur

Monument van het moment: Kunstenaars praten bij Beelden in Leiden

Monument van het moment, dat vond Marleen Hartjes, winnares van de Frans de Wit Prijs 2014, een mooie omschrijving van haar werk. Dat zei ze gisteravond tijdens de lezing, die door Beelden in Leiden werd georganiseerd. Samen met Luuk van Binsbergen en Catinka Kersten vertelde zij over hoe zij kunst maken en beleven.

Luuk van Binsbergen Luuk was de man die de spits mocht afbijten. Luuk werkt alleen maar met hout. Dat komt doordat hij temidden van het hout is opgegroeid. Tijdens zijn studie aan de AKU Enschede was zijn eerste opdracht om de ruimte onder een stoel op te vullen. Hij rende hierop direct naar een bos om stukjes hout te sprokkelen en die met draadjes aan elkaar te verbinden totdat een vierkant blok takjes was ontstaan.

Luuk vertelde dat hij speelt met stukken hout, het zijn net puzzelstukken voor hem. En dan, ineens, is het wat geworden. Alle stukjes vallen op hun plaats. Hij weet dus niet van tevoren wat er uiteindelijk te voorschijn gaat komen.Luuk zoekt in zijn werk naar evenwicht, balans en ritme. Dit is goed terug te zien in veel van zijn houtsculpturen.

Op Beelden in Leiden staat zijn sculptuur “Concrete Roots”. Momenteel heeft Luuk een grote solotentoonstelling “Wood Works” in Kasteel Nijenhuis.

Catinka KerstenDaarna was het de beurt aan Catinka Kersten. Catinka is gefascineerd door hoe mensen omgaan met de dood. Als katholiek opgevoed meisje leerde ze dat je na de dood netjes wordt opgevangen, maar ze denkt nu dat dat niet klopt. De Mexicaanse mentaliteit van omgaan met de dood spreekt haar veel meer aan, dat is veel luchtiger. Zo deed ze een project, waarbij ze danste met een skelet. Dansen met de dood dus, maar evenzeer het dansen van een meisje met een pop.

Als afstudeerproject maakte ze dieren van gips, die vorm kregen in een zak. Hiermee wilde ze de verhouding tussen jacht en dier duidelijk maken. Volgens Catinka is hierbij sprake van respect en waardigheid van de dieren.

Catinka maakt haar werk vanuit een verhaal, waarbij ze vooral de sfeer wil overbrengen. Het werk bij Beelden in Leiden, “En Iedereen Hield de Adem In Tijdens die Fractie van Eeuwen” geheten, is geïnspireerd door oude monumenten met een magische lading. Ook de Inca-cultuur heeft bijgedragen. Catinka verzamelt van tevoren heel veel plaatjes, die ze in een boekje plakt en die bijdragen aan haar ideeën. Haar sculptuur is wat er ligt, de houding is half religieus. Ze vindt het vooral een sfeervol werk, teder, met slapende figuren. Ze neemt hierbij het woord ‘dormant’ in de mond. Dat is wat ze beoogt met haar werk.

Marleen HartjesTot slot mag Marleen Hartjes haar woordje doen. Zij is vooral gefascineerd door het begrip ‘tijd en ruimte’. “Zoals we hier bij elkaar zitten en dat dit voortdurend verandert”, intrigeert haar. Ze zoekt dan ook naar een manier om een moment in de ruimte vast te leggen, een soort snapshot.

Hiermee wil ze de mensen bewust maken van het moment. De aanwezigheid en dan de afwezigheid, dat is de vergankelijkheid. Beelden zijn dan ook tijdelijk en vergankelijk. Marleen vertelde van haar bezoek aan Rome, waar ze de sculptuur “Apollo en Daphne” van Bernini zag. Op dat moment werd het haar duidelijk wat haar toekomst zou worden. Het daar gebruikte marmer, tot in het doorzichtige van de hand, liet haar zien hoe belangrijk het gebruikte materiaal is.

Haar werk op Beelden in Leiden, “Inception”, moet het gevoel oproepen dat iemand er niet meer is, maar wel is geweest. Want iemand die weg is, is soms helemaal niet weg. Ze verduidelijkt dit met het verhaal van de overleden hond. Soms, als je de deur opent dan denk je dat die hond zo weer binnen kan lopen. Dat gevoel, dat wil ze raken.

Leidse Hofjesconcerten 2014

Het Pinksterweekeinde was Leiden weer een muzikaal middelpunt met de Hofjesconcerten. Prachtige muziek in 22 van de mooiste oude hofjes, die Leiden rijk is.

Muziek uit alle wereldstreken, van opera tot kamermuziek, van jazz tot klemzer, van Spaans tot Afrikaans, alle wereldstreken kwamen voorbij.

14231359447_b8f9434f0d_bHW en eega waren de 2e Pinksterdag op pad om enkele fraaie muzieknoten op te vangen. Allereerst togen wij naar het Barend van Namenhof, dat uit begin 18e eeuw stamt. Daar musiceerde het blaasensemble Quintet Airlines uit Rotterdam. Zij speelden werken van o.a. Mendelssohn, Ligeti en d’Rivera. Het kwintet bestaat uit Joséphine Poncelin (fluit), Maxime Le Minter (hobo), Romain Bly (hoorn), Florian Krouwel (fagot) en Alicia Pallarés Tello (klarinet).

Luister hier naar een kort stukje van dit blaasensemble.

 

Daarna werd de steven gewend, richting Sint Salvatorhof. Dit is een hofje uit 1639, oorspronkelijk voor ongetrouwde vrouwen en weduwen, maar sinds de jaren zestig voor studenten.

In dit oude hofje speelde de bekende gitarist Izhar Elias op zijn barokgitaar en op een wat nieuwere replica. Tijdens het eerste deel speelde hij barokmuziek van Francesco Corbetta, waarna hij overstapte op de nieuwere gitaar waarmee hij delen uit een opera van Rossini speelde. Ademloos luisterde het publiek naar zijn warme klanken. Luister naar een stukje barok van Corbetta.

Daarna was het tijd voor een lekkere lunch bij Bistro Bordo’o, een van de betere nieuwe restaurants in Leiden. Gezeten op een terras was het genieten met alle voorbijtrekkende boten. Over Bordo’o in een later blog meer.

14231366797_6a5b302bec_bDaarna naar de binnenplaats van ARS Aemula Naturae. Daar speelde het Duo C Kwadraad. Eigenlijk een trio maar vanwege vakantie ontbrak de klarinettist. Over bleven Carel den Hertog op viool en Coos Lettink op accordeon. Dit duo slaagde er in om met een aantrekkelijke mix van klezmer, zigeunermuziek uit Turkije en India het publiek te vermaken. Als klap op de vuurpijl werden enkele Amsterdamse deuntjes door de muziek heen geweven.

Na 40 minuten genieten onder een strak schijnend zonnetje, bij vlagen zelfs een schroeiend-heet zonnetje, kwam er een eind aan een muzikaal weekend.

14394697766_5bea7a1a3b_bMaar niet nadat nog het laatste optreden was bijgewoond in de Regentenkamer van Leidens grootste hof, de Meermansburg. Daterend uit 1680 hangt de Regentenkamer vol met prachtige portretten uit de 17e en 18e eeuw. Portretten van de vroegere regenten. Een van de mooist bewaard gebleven schatten van oud Leiden.

In die ambiance zongen de sopraan Karolina Janu en bariton Gert Jan Grinwis met begeleiding van Justyna Jarzab (piano) werken van Mozart, Händel, Lehár, Liszt, Rossini en Bernstein.

En met twee mooie stemmen, die jong en oud in vervoering brachten, kwam er een waardig einde aan de Hofjesconcerten.

14416674994_5a8ac705e4_b

Bruisend begin van Signatures Cultuurweken Leiden

X8OluzRc9ovQexEm.jpgDat Leiden een bruisende stad is werd gisteravond weer eens bewezen met de start van Signatures Cultuurweken Leiden. Alle topdeelnemers die hieraan meedoen, presenteerden zich op een eenvoudige, maar warme en innemende manier.
Zo brachten Joque Mulder en Marcus Rooijakkers een beeldend gedicht van Van Lieshout, waarmee zij Beelden in Leiden over het voetlicht brachten.
Na deze vlotte opening begon de Museumnacht Leiden. Alle negen musea van Leiden deden hieraan mee en brachten een interessant programma, vol met wetenschappelijke weetjes, proefjes, presentaties en natuurlijk film en muziek, van opera tot DJ’s.
HW en eega doolden de avond rond en bezochten verschillende plekken, op zoek naar mooie ontdekkingen.
Geniet van de foto’s hieronder.

Aankondiging voor de Nacht van de Viool, onderdeel van Signatures Cultuurweken Leiden
Aankondiging voor de Nacht van de Viool, onderdeel van Signatures Cultuurweken Leiden
Museumnacht - de lotusbloem van Daan Rosegaarde
Museumnacht – de lotusbloem van Daan Rosegaarde
Museumnacht - Japanse gamehal in het SieboldHuis
Museumnacht – Japanse gamehal in het SieboldHuis
Museumnacht - Pure Percussion: Taiko drum op het Rapenburg voor het SieboldHuis
Museumnacht – Pure Percussion: Taiko drum op het Rapenburg voor het SieboldHuis
Museumnacht - Fraai uitgelichte boom in de Hortus Botanicus
Museumnacht – Fraai uitgelichte boom in de Hortus Botanicus
Museumnacht - Opera bij de Leidse Sterrewacht
Museumnacht – Opera bij de Leidse Sterrewacht
Museumnacht - Kunstenaarscollectief The Holls bouwt een kunstwerk in de Hortus Botanicus
Museumnacht – Kunstenaarscollectief The Holls bouwt een kunstwerk in de Hortus Botanicus
Museumnacht - Texas Radio speelt spetterende blues in de Hortus Botanicus
Museumnacht – Texas Radio speelt spetterende blues in de Hortus Botanicus

 

Vernieuwde V&D aanwinst voor Leiden

wsK4TgENyiHQuytr.jpgDe Leidse winkelstand heeft weer een belangrijke impuls gekregen door de vernieuwing van V&D. Nadat de Breestraat eerder was verrijkt met een nieuwe grote Sting, heropende V&D na een grote verbouwing en herinrichting. Het compleet heringerichte oude winkelpand is plots veranderd in een luxe warenhuis, waarbij vergelijkingen met een Bijenkorf spontaan opkomen. Je kunt rustig zeggen dat dit de flagshipstore is, een voorbeeld voor Nederland.

De nieuwe winkel oogt vooral ruimer en lichter. Dit laatste komt vooral door het veelvuldig naar binnen vallende buitenlicht. Hiervoor is de winkel feitelijk opengebroken. Buitenramen, sommige met prachtige oude kozijnen, zijn weer zichtbaar gemaakt en ook de oude lichtkoepels, die vaak onder verlaagde plafonds waren weggewerkt, zijn weer teruggekomen.

En het resultaat mag er zijn. Een warenhuis om trots op te zijn, iedere etage met een eigen sfeer en on top of all een heerlijk dakrestaurant met een weids uitzicht over Leiden.

RrEHsWZwsZGIzcyV.jpgMooi is dat je vanaf de Breestraat dwars door het warenhuis heen kunt kijken, richting Aalmarkt. Loop naar binnen vanaf de Breestraat en geniet van een mooie moderne kroonluchter. Iets verder loop je onder een geweldig glas-in-lood plafond. Even een trap af en je beland bij de schoenen, waar een grote opvallend rode zithoek staat om te passen.

In de hoek bij de monumentale trap zijn de prachtige glas-in-lood ramen weer helemaal terug. Bijzonder bij die trap zijn de borden, waar fraai gestileerd teksten staan die een liftboy vroeger op zei.

Bij de boeken is een ouderwetse kamer ingericht waar je even een boek kunt lezen. De oude schouw, het mooie uitzicht op de Breestraat, zorgen voor een intieme sfeer waar je graag even mijmerend over vervlogen tijden een kopje koffie drinkt (op de afdeling staat zowaar een koffie-automaat).

bsw3hW65mpkWQBMD.jpgEr is duidelijk nagedacht over de inrichting van de afdelingen. Met zorg zijn de tafels opgebouwd, rond artikelgroepen en/of kleuren. Dat zorgt voor een inspirerende omgeving, die duidelijk moet zorgen voor een hogere omzet dan in het verleden.

Ik geniet vaak even van dit mooie warenhuis door er doorheen te lopen, even boven te zitten voor het uitzicht (met iets lekkers, dat dan weer wel).

Als je in Leiden bent, bezoek deze nieuwe V&D dan eens en laat je verrassen.