Tagarchief: schilderijen

Out of Office – kunst die je nooit ziet

Kunst die je nooit, of beter gezegd, bijna nooit ziet. Dat zijn de collecties die de overheid en het bedrijfsleven hebben aangelegd. Hun eigen private kunstcollecties. Als werknemer heb je kans dat je ergens zo’n kunstwerk uit eigen collectie tegenkomt. Maar het grote publiek ziet daar weinig van.

Is dat slecht? Daar kun je verschillend over denken. Als je vindt dat kunst voor iedereen zichtbaar moet zijn, dan is het slecht. Maar als je bedenkt dat veel van deze kunstwerken in opdracht zijn gemaakt, dan is het een welkome aanvulling op het inkomen van kunstenaars. En krijgen zij de mogelijkheid om werken te maken.

Maar om een einde te maken aan die onzichtbaarheid heeft Singer Laren gemeend een tentoonstelling te moeten maken met werken uit bedrijfs- en overheidscollecties. En zo ontstond onder de titel Out of Office een mooie collectie van werken, die veelal niet te zien zijn (hoewel sommige werken al zo bekend zijn dat men ze wellicht wel kent).

De tentoonstelling is ingedeeld in een aantal themazalen, anders ontstaat er een soort wild-west tentoonstelling met van alles en nog wat door elkaar. Zonder een oordeel hierover te vellen laat ik hieronder een aantal werken zien, die mij aanspreken.
In de kop zie je het werk zonder titel van Erik van Lieshout. Figuren in het water, wat doen ze daar? Sommigen eten wat. Zijn het vissers, gestrande vluchtelingen? Je mag het zelf bedenken.

Als je de eerste zaal binnenloopt wordt je direct geconfronteerd met een groot werk van Folkert de Jong met als titel Shooting Lesson. Een aantal boomstammen met daarop volwassenen en kinderen. Een van die kinderen heeft een boog en de vrouw een koker met pijlen. Het geheel geeft een beetje een desolate sfeer. De wereld is pas vergaan en we moeten overleven. Een ‘Walking Dead’ plaatje.
Op de muur hangt een kleurrijk werk van Gé-Karel van der Sterren. Het lijkt geboetseerd van olieverf en acryl. Porseleinen vuilnisbelt is de veelzeggende titel, een kleurig commentaar op de huidige consumptiemaatschappij.
In de volgende zaal lopen we tegen Birds van Carel Visser aan. Een bronzen abstractie van twee vogels.

Verderop lopen we tegen een groot grondwerk aan. Het is The Nursery Piece van Job Koelewijn. Cirkelfiguren van zand op kopieën van Spinoza’s Ethica. En verdomd, als je er naar gaat kijken gaan de cirkels ineens draaien. Hersenen en ogen zorgen voor deze zinsbegoocheling. Misschien gaan je hersenen ook draaien van de Ethica. Prachtig om te ervaren. Daarnaast Down van Michael Radecker. Het lijkt alsof je van onderop tegen bomen aankijkt. Bolletjes acryl en garens op een doek zorgen voor een vreemde kijkervaring. De grote kunststof kleurvlakken van Esther Tielemans spatten van de muur af. Een complete kleurervaring. En dan twee werken van Maria Roosen, Bubbels en Bessen. Ruimtelijke vormen van waterverf op papier en glas. Rood in optima forma, warm, betoverend. Om thuis te hebben hangen.

Kunst is ook geïnspireerd raken door andere kunstenaars en daar wat mee doen. Maar stomweg na-apen is natuurlijk niet aan de orde. Dus wat moet je doen als je Picasso bewondert. Imiteren is een slecht idee, voortborduren ook. Dus dacht Tjibbe Beekman, ik schilder Atelier Picasso. Een prachtig woest kleurrijk werk, dat je van dichtbij moet bekijken. Gemaakt met gebruik van zand en email, heel bijzonder.
Ook de ballerina van Edgar Degas heeft veel kunstenaars geroerd. Folkert de Jong gaf er een nieuwe twist aan met zijn The Practive ‘Take 3’, waarin zijn ballerina op een pallet staat met doorlopende kleuren. Het doet bijna pijn.
De foto van Erwin Olaf spreekt voor zich. Het lijkt een schilderij, maar het is een totaal gecomponeerde foto. De titel is Catwalk I (The Helena Slicher Wedding Dress, 1759). Oude adel kijkt je aan met een uitdagende blik en komt tot leven in het hier en nu.
De Laocoön is een van de beroemdste beeldengroepen uit de Oud-Griekse beeldhouwkunst. Guido Geelen liet zich hierdoor inspireren en maakte een nieuwe versie van brons en bladgoud.

Annemarie Wenzel maakte van keramiek, houtskool en hout een luguber beeld van een ontplofte auto. De restanten van een aanslag, met de veelzeggende titel Heaven #1. Geweld als thema van kunst.
Daarnaast hangt het werk De oogst van Pyke Koch. Koch sympathiseerde met de Duitsers tijdens WO II en dit simpele feit roept de vraag op of Koch dan nog wel mag worden getoond. Maken foute gedachten van een kunstenaar zijn werk minder of slecht. Een discussie die tegenwoordig veelvuldig op diverse plaatsen opduikt.
Een groot werk van Robert Zandvliet, ook Zonder titel, spettert van de muur af. Woeste rode streken, klodders. Is het bloed, beeldt het geweld uit. Of is het vuur, die alles verwoestende kracht.
Dan zien we een schilderij waarop een museum is uitgebeeld. Mensen met kinderen lopen rond en aan de muur hangt een groot werk. Een vrouw in het wit met een knielende man er voor. Verdriet, uithuilen of is het aanbidding van de vrouw. Maar er hangt ook een vreemd wit object in de lucht. Is het een geest, een goede of een kwade? Of is het iets anders. Helen Verhoeven maakte dit Event One Detail #3.
Verderop een vrouw die op de grond zit en haar hoofd achterover heeft gegooid. Ze kijkt naar boven. Wat zou daar te zien zijn. Ze is roodharig, met rode lippen en grote wimpers. Wat doet ze daar, waarom zit ze zo. Vragen en nog eens vragen.
Tot slot een geweven werk van Rafaël Roozendaal. Het is een abstractie van een Google beeld en kreeg de naam Abstract Browsing 16 03 02 (Google Image). De vertaling van de digitale wereld naar een abstracte kunstvorm. Kleurige vakken van acryl draad, die voor een vrolijke noot zorgen.

De tentoonstelling is inmiddels afgesloten. Het was zeker de moeite waard om eens achter de schermen van de bedrijfscollecties te kijken, waarin een schat van kunstwerken verborgen zit.

De wederopstanding van Frans Hals

Lang geleden leerde ik op school over de Gouden Eeuw. Een tijdperk waarin Nederland de wereld beheerste (nou ja, bijna) en waarin we geweldige zeevaarders hadden. Nieuwe werelden werden ontdekt, handel werd volop gedreven en onze oude voorvaderen werden stinkend rijk. Later pas leerden we dat dit allemaal wel ten koste was gegaan van heel veel andere mensen.

Maar goed, in diezelfde Gouden Eeuw floreerde de kunst ook. Rembrandt en Vermeer waren de beroemdste schilders, in de architectuur waren de Key, de Keyser en Van Campen grootheden, Willem Barentsz en Abel Tasman ontdekten de wereld, Stevin en Leeghwater waren beroemde ingenieurs.

Maar ook Frans Hals was in die eeuw een vooraanstaand schilder. Maar net als bij Rembrandt keerde op een dag het tij voor Hals. Hij kreeg een slechte naam als dronkelap en zijn schilderijen verdwenen naar de zolder.

Maar vergeten werd Frans Hals niet want in de tweede helft van de 19e eeuw werd hij herontdekt en aanbeden door kunstenaars als Mamet, Singer Sargent, Liebermann en van Gogh. Haarlem werd een soort bedevaartplaats voor hen om de werken van Frans Hals te bestuderen en na te schilderen. Want van een groot schilder als Frans Hals valt veel te leren.

Frans Hals, c’est un moderne

Doordat al die beroemde schilders in de 19e eeuw naar Haarlem trokken en zelfs zo ver gingen dat zij het werk van Frans Hals kopieerden, bleek onze Frans eigenlijk een heel modern schilder te zijn. Hij was zijn tijd ver vooruit, omdat hij al duidelijk impressionistische tonen had. Dat was in zijn tijd natuurlijk niet bekend, maar later viel het des te meer op. 

Hieronder zien we bv. Malle Babbe van Frans Hals uit 1630 met daarnaast de versie van Gustave Courbet uit 1869. Opvallend is dat Courbet de initialen van Frans Hals in zijn werk schildert, terwijl het origineel ongesigneerd is.

 Een ander frappant voorbeeld is het schilderij Regentessen van het Oudemannenhuis uit 1664. Edouard Manet schilderde dat in 1872 na als oefening en John Singer Sargent maakte in 1880 van twee regentessen kopieën.

Een ander voorbeeld is het Feestmaal van de officieren van de St. Joris-schutterij uit 1627. Dit levendige werk werd in 1872 in opdracht van het Franse gouvernement gekopieerd door Francois Vollon. Bijna identiek. John Singer Sargent kopieerde in 1880 een onderdeel, te weten vaandeldrager Jacob Schout, die rechtsboven in het werk van Hals staat. Singer Sargent hanteerde hierbij een nog lossere penseelstreek dan Hals.

De tentoonstelling in het Frans Hals Museum laat nog meer voorbeelden zien. Een prachtige manier om te zien hoe latere kunstenaars zich laten beïnvloeden door een oude meester. Andere grootheden als Vincent van Gogh, Max Liebermann en Claude Monet bestudeerden Frans Hals. Ook hiervan zijn beelden te zien.

Daarom is deze tentoonstelling een aanrader voor elke schilder, groot of klein, om de studies van de latere schilders te vergelijken met het origineel. Tot en met 24 februari 2019 nog te zien in het Frans Hals Museum in Haarlem.

Beauty of the Battle – schoonheid in geweld

Geweld, strijd, haat en schoonheid. Zijn dat zaken die samen kunnen gaan. Kun je geweld abstraheren tot schoonheid. Of kan kunst vraagtekens zetten bij haat en strijd. Dat is een fascinerende vraag, omdat strijd en geweld altijd samen zijn gegaan met de mens, van heel vroeger tot nu.

Over deze vraag gaat de tentoonstelling “Beauty of the Battle” in het Apeldoornse CODA museum. 22 kunstenaars verkennen de grens tussen haat en liefde, gevaar en schoonheid.

Ik ging vooral naar deze tentoonstelling vanwege de werken van de nog jonge kunstenaar Damian Kapojos. Afgelopen zomer nog winnaar van de Frans de Wit prijs bij Beelden in Leiden. En van wie we bij die gelegenheid een klein werk hebben gekocht.

In Apeldoorn staan een aantal van zijn werken, waarin allerlei motieven samenkomen. Kapojos heeft Indonesische wortels en dat zie je terug in zijn werk. Ook beoefent hij oosterse vechtsporten en ook dat zie je terug. Zijn werken zijn verfijnd keramiek, dat in tegenstelling is tot het geweld. Het nodigt uit tot vooral veel kijken en op je laten inwerken.

Boeiend zijn ook de schilderijen van Tamme de Boer. Dikke rijen van gehelmde ME-ers bevolken zijn doeken en veroorzaken hiermee een onheilspellende dreiging. Geweld zit er aan te komen en kan ieder moment losbarsten. De ritmiek in de werken zorgt voor een dynamiek en de felle kleuren spatten van het doek af.

Bijzonder zijn ook de felle lichtboxen van Patrick Koster. Het lijken vrolijke plaatjes maar bij nadere beschouwing zie je toch andere beelden. Zoals het drieluik met een speedboot, waarop zich iemand verstopt heeft. Op zich nog niet bijzonder, maar als je weet dat dit is geïnspireerd op de klopjacht op de Boston-bomber, dan kijk je ineens met heel andere ogen naar deze vrolijkheid.

Beauty of the Battle

Naast de schilderijen, foto’s en beeldende kunst zijn er ook een aantal buitengewoon intrigerende videowerken te zien, die vooral vragen oproepen. Zoals bv. Last Riot van AES+F, absoluut de moeite waard om 15 minuten voor te gaan zitten. Hieronder nog een aantal fraaie werken uit deze boeiende tentoonstelling, die nog tot en met 3 februari 2019 te zien is.

Leidsche Mondialen exposeren in Voorschoten

Expositie MondialenHet Leidse kunstgenootschap De Leidsche Mondialen bestaan dit jaar officieel 10 jaar. Om hier ruchtbaarheid aan te geven worden er dit jaar drie grote exposities georganiseerd.

De eerste vond plaats in het voorjaar, in het gemeentehuis van Katwijk. In het begin van de zomer was Leiden aan de beurt. Dit keer werd het Leidse Volkshuis met veel werken ingericht als expositieruimte.

En nu is het dan de beurt aan Voorschoten. Op zaterdag 4 augustus werd een grote expositie geopend in het Museum Voorschoten, waar enkele tientallen Mondialen hun werk laten zien. De opening werd verricht door de bekende Leidenaar Rens Heruer, voorzitter van de Historische Vereniging Oud Leiden.

Naast het organiseren van exposities hebben De Leidsche Mondialen nog een belangrijk streven, namelijk het bewaren van kunst van overleden kunstenaars. Omdat het realiseren van een museum, toch een plek bij uitstek om kunst te bewaren, op praktische problemen stuit, zijn De Leidsche Mondialen nu bezig met het realiseren van een digitale galerie, waar werken langere tijd kunnen worden bewaard en bezichtigd.

U kunt de tentoonstelling bezoeken op woensdag, zaterdag en zondag van 12.00 tot 17.00 uur. Bijna alle tentoongestelde werken zijn te koop.

Hieronder een impressie van tentoongestelde werken.

De Leidsche Mondialen overzichtstentoonstelling afgelopen

De grote overzichtstentoonstelling van de Leidsche Mondialen is tot een eind gekomen. De hele maand april hebben 20 Mondialen het beste van hun werk aan het Leidse publiek getoond. Voor het eerst werd dit gedaan in een galeriesetting, zodat de getoonde werken allemaal zo goed mogelijk tot hun recht kwamen.

En voor het eerst dat zoveel Mondialen op een plek te zien waren. Hetgeen ons tot de conclusie brengt dat de kwaliteit van de Leidsche Mondialen buiten kijf staat. De opening werd op zondag 3 april verricht door de bekende Leidse dichter/radiopresentator Han Ruijgrok.

 

Jheronimus Bosch’ fantasieën in een middeleeuws Den Bosch

Het is altijd een plezier om naar ‘s-Hertogenbosch te gaan. Met de trein doe ik er vanuit Leiden ongeveer 1½ uur over en dan sta je aan de rand van de Bossche binnenstad. Lopend naar die binnenstad is de bakkerij van Jan de Groot de eerste hindernis. Hoe kom je daar voorbij zonder eerst even een Bossche Bol tot je te nemen.

Maar goed, al doorlopend en later rechtsaf kom je zo op de Markt terecht. Nu wil het geval dat er een hele mooie tentoonstelling in die hele mooie stad is, een unieke tentoonstelling met werken, die je van je leven waarschijnlijk nooit meer zult zien. Namelijk een heleboel werken van Jheronimus Bosch, een schilder die een fantastisch oeuvre heeft achtergelaten. De tentoonstelling heeft niet voor niets de ondertitel “Visioenen van een genie”.

De hooiwagen Hieronymus_Bosch Wij waren al geruime tijd van plan om deze tentoonstelling te bezoeken, maar ja, dan vergeet je wel eens kaartjes te kopen. Maar op een gegeven moment besloten we toch maar om de website van het Noordbrabants Museum eens aan te klikken. Waarna bleek dat er alleen nog avondkaarten te koop waren (op bepaalde avonden). Voor de rest was alles al stijf uitverkocht. Er zat dus niets anders op dan deze avondkaarten te kopen en zo trokken we op zondag 17 april de stoute schoenen aan en stapten in de trein naar Den Bosch.

Als kind was ik al gefascineerd door de platen van Bosch. En van Dalí. Ik had toen nog niets met kunst, maar de fantasierijke beelden van deze schilders brachten kennelijk mijn kinderlijke fantasie in beweging. Om mij heen hoorde ik van anderen ook dat ze juist door deze twee mannen waren gefascineerd. En eigenlijk is dat niet zo raar, want zowel de werken van Bosch als die van Dalí zitten vol met vreemde creaturen en onbestemde zaken. Heel intrigerend allemaal voor een kinderbrein. Rembrandt en andere grote meesters vond ik in die tijd saai.

Hieronymus_Bosch_Art_Picture_ml0005Jheronimus Bosch, tegenwoordig voor het gemak ook wel Jeroen Bosch genoemd, wordt beschouwd als de belangrijkste kunstenaar van de late middeleeuwen. Een tijd waarin de rooms-katholieke kerk vaak opdrachtgever was om het christelijke geloof zichtbaar te maken en te verspreiden. Uiteraard met een juiste uitbeelding van hemel en hel. In de werken van Bosch zie je dit heel sterk terug, maar hij doorbrak de braafheid die tot dan toe heerste. Bosch ontwikkelde een heel nieuwe beeldtraditie, gaf een nieuwe invulling aan bestaande motieven en bedacht nieuwe composities. Vermaard werd hij door de vele afbeeldingen van fantastische wezens, die al dan niet een mens verslonden.

bosch_hieronymus_-_the_garden_of_earthly_delights_right_panel_-_detail_bird-headed_monster_or_the_prince_of_hell_-_close-up_head_lower_rightKortom, naar de werken van Bosch kun je urenlang kijken omdat je telkens weer iets nieuws ontdekt. Uiteraard lukt dat niet bij een tentoonstelling waar je maar een paar uur de tijd hebt om alles te bekijken. Je komt dan ook vele ogen te kort bij al deze fantastische schilderijen en tekeningen.

Persoonlijk heb ik alle werken van dichtbij kunnen aanschouwen. Met enig geduld kom je uiteindelijk op de eerste rij terecht en dan kun je pas de talrijke details zien, die zijn werk zo uniek maken. En om 11 uur ‘s-avonds verlieten wij het Noordbrabants Museum met een verlicht hoofd, wandelend door het magisch-middeleeuwse Den Bosch, waar de demonen op iedere donkere straathoek loerden. Gelukkig was het hotel dichtbij. Maar de invloed van de duivelse hallucinaties leidde er wel toe dat we de volgende dag onze Bossche Bollen pardoes in de terugtrein lieten staan.

En als u nu uw nieuwsgierigheid is opgewekt, moet ik teleurstellen. Want de tentoonstelling, die nog tot en met 8 mei duurt, is helemaal uitverkocht.

@LeidenIFF dag vijf: Geen film maar Munch en van Gogh

The_ScreamHoewel ik van plan was om halverwege de cursus Kunstgeschiedenis af te haken om naar “Rock the Kasbah” te gaan, de nieuwe film met Bill Murray, bleek de cursusavond dermate inspirerend, dat ik maar ben gebleven.

Want we gingen het hebben over Munch en Van Gogh, twee geweldige schilders waarvan momenteel een grote tentoonstelling in het Van Gogh Museum Amsterdam is. Een unieke tentoonstelling omdat er is ingedeeld op thema, waarbij telkens twee doeken van Munch en Van Gogh naast elkaar hangen. Zo kun je de invloeden op elkaar zien, maar ook hoe beiden met kleurgebruik e.d. omgingen.

Daarnaast kwam natuurlijk ook nog het Impressionisme aan bod, als voedingsbodem voor beide schilders. Maar ook het Japonisme zeilde nog even voorbij om te eindigen met de invloed die beide schilders hebben gehad op het Expressionisme.

Kortom, de cursusavond was uitermate boeiend en Bill Murray moet maar even wachten.

Nacht van Kunst & Kennis Leiden

Voor de derde keer heeft Leiden afgelopen zaterdag laten zien dat kunst en wetenschap onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. De Nacht van Kunst & Kennis toonde dit overduidelijk aan. Leiden, de stad waar al 440 jaar wetenschap op het hoogste niveau wordt bedreven. Vol met musea als Naturalis, Volkenkunde, Oudheden en nog veel meer.

Die Nacht van Kennis & Kunst is in korte tijd uitgegroeid tot een groots en meeslepend evenement. Met een programma, boordevol met lezingen, muziek, demonstraties, cabaret, proefjes en nog veel meer. Te veel om op te noemen en eigenlijk ook te veel om een verstandige programmakeuze te maken. Gevolg: keuzestress! Hoe moet je in godsnaam uit een dergelijk groot aanbod kiezen.Nou, vooruit dan, 5 onderwerpen om de avond door te komen.

We begonnen om 20.00 uur in de grote zaal van het Museum Volkenkunde. Waarbij bedacht moet worden, dat het credo “vol=vol” is. Dus ruim op tijd arriveren voor de eerste lezing in het kader van de Ode aan de Fantast. Die lezing was van Herman Brusselmans, een van de meest verguisde Vlaamse schrijvers, maar tegelijkertijd een van de best verkopende. Deze literaire fantast schonk de uitpuilende zaal een half uurtje korte verhalen, doorspekt met kruimige sexfantasieën. Veel gelach en gegniffel van zowel het mannelijke als vrouwelijke publiek.

IMG_0500

Na dit kruidige begin tijd voor een vleugje fantasie in de Hortus. Het motto aldaar was Let There Be Light! en dat was er in overvloed. Glowtree, Glowfield, het Light-Up collectief, Werc en het Blauwe Uur hadden de Hortus omgetoverd in een magische, betoverende wereld vol kleuren. Je waande je op sommige plekken in een andere wereld. Was de Hortus maar iedere avond open met zo’n fraaie belichting. Helaas, dat is niet zo en daarom maar weer teruggekeerd op de gewone wereld.

IMG_0502

Op naar het naastgelegen Academiegebouw voor een snufje cabaret van Katinka Polderman. Onder het motto Cabaretiers op de kansel zong Katinka liedjes uit haar vijfde voorstelling, maar we kregen ook een heel nieuw liedje te horen, dat ze voorlas en waarbij er nog geen muziek was. Onvergetelijk was de uitsmijter, Tanzania. Begeleid door gitaar in plaats van accordeon galmde dit lied door het Groot Auditorium, waar normaliter deftige professoren de promovendi aan de tand voelen.

IMG_0505

Van het Academiegebouw even op de fiets naar Museum Boerhaave. Het was inmiddels na tienen en de stad liep helemaal vol met wandelende en fietsende mensen, op zoek naar het volgende optreden. Voor ons was dat een onderdeel van de Grote Voedselshow met als ondertitel Kunst Culinair. Martijn van Calmthout (wetenschapsjournalist) en Marijn Frank (Keuringsdienst van Waarde) spraken met vormgeefster Karlijn Souren en kunsthistorica Hester van den Donk over de verbinding tussen eten en kunst. Rijkgevulde stillevens passeerden de revue, maar ook een interessant experiment zoals op de foto. Allemaal kleurrijke blokjes, gemaakt van groenten. Ga maar eens puzzelen. Overigens was de discussie vrij tam, vooral omdat de kunsthistorica ietwat zuinigjes overkwam. Tikkeltje meer humor had wel gemogen!

IMG_0507

Inmiddels speelden Beans & Fatback in de binnentuin van het Boerhaave. Een swingend zevental, beïnvloed door de blues, country en Americana. Lekker even grooven in de frisse buitenlucht, met een glaasje water. Want de dorst had inmiddels wel toegeslagen, na al die overbevolkte binnenruimtes.

IMG_0508

Na een stief halfuurtje swingende muziek werd het tijd voor de afsluiter in het Auditorium van Museum De Lakenhal. Weer een klein stukje fietsen voor de Gelukslezing van Nico Dijkshoorn onder de titel Dijkshoorn leest kunst. Dijkshoorn, wonend in Leiden en lekker op de fiets gekomen, had al eerder, samen  met zijn gitaar, in de Hortus verteld en gespeeld. Maar nu, opnieuw voor een overvolle zaal de afsluiter. Aan de hand van plaatjes van kunstwerken, zoals een doek uit de collectie van De Lakenhal, vertelt hij wat hij er van vind. Zonder enig kunsthistorisch besef, gewoon uitgaande van het eigen gevoel. Van een zelfportret krijg je dan iets van “ik wist niet dat Jan pijp rookte, dat hield hij altijd verborgen. Overigens, ik wist ook niet dat hij een gele streep op zijn neus had”. Droogkomisch, maar door het gilde der kunstcritici zwaar bekritiseerd.

IMG_0509

En om kwart voor een, donker in de nacht, was het tijd om het stalen ros weer te bestijgen, richting welverdiende nachtrust.

De Nacht van Kunst & Kennis 2015 zat er weer op. Op naar de volgende editie!

Zinnen op Schoonheid

IMG_0034Dat is de prachtige titel van de nieuwe dichtbundel van Han Ruijgrok. Zaterdag 7 maart werd de nieuwe bundel onder het dak van het Koetshuis De Burcht, een mooie historische plek, ten doop gehouden.

Het zaaltje zat stampvol met belangstellenden. Want Han is niet alleen bekend als dichter, hij is ook de presentator van het culturele radioprogramma Cultuur071 op Sleutelstad FM.

De bundel is geweldig geïllustreerd door Barbara van Druten, waardoor het een bijzonder kleurig boekje is geworden. Het eerste exemplaar werd uitgereikt aan Ilja Leonard Pfeiffer, ook een bekend Leids dichter die tegenwoordig meer in Genua vertoeft. Han heeft ooit twee workshops van Ilja gevolg en beiden hebben ook een paar keer deel uitgemaakt van een jury bij een dichterswedstrijd.

IMG_0037Na deze dichterlijke happening was het een paar passen naar Galerie Zône aan de Nieuwstraat. Daar werd de expositie Het beest in Meij geopend, met werk van Hubert van der Mey, alias Hepas.

Hubert maakt hele kleurige werken, figuratief, meestal herkenbaar. Van die werken waar de kleuren van de muren afspatten en waar je aan het begin van de lente vrolijk van wordt. Hubert gebruikt allerlei voorwerpen in zijn werk, kleine lovertjes, staafjes, glas, noem maar op. Daarom loont het om even van dichtbij te kijken.

Hubert vertelde mij dat hij maar gewoon ergens begint en dan komt er altijd wel een vorm naar voren waar hij iets mee kan. Spontane kunst dus.

Het werk van Hubert is de hele maand maart nog te zien in Galerie Zône aan de Nieuwstraat (maandag en dinsdag gesloten). Loop eens naar binnen en krijg de lentekriebels.

IMG_0038

 

Lotta Blokker’s Hour of the Wolf en Nederlandse kunstenaars in Parijs

m32xWuyk5zVTh6Kk.jpgRuim twee weken geleden bezochten HW en eega Museum de Fundatie in Zwolle. U weet wel, dat museum met die bijzondere koepel van architect Hubert Jan Henket boven op het dak. De koepel op het dak was echter niet de reden van het bezoek. Dat waren de beelden van Lotta Blokker.

Lotta Blokker’s expositie draagt de naam The Hour of the Wolf. Dit uur van de wolf ligt tussen middernacht en de dageraad, de zwarte nacht van de ziel. Het is het uur waarop de meeste mensen sterven, de slaap het diepst is, de nachtmerries het hevigst zijn. Het is het uur waarin de slapelozen worden opgejaagd door hun ergste angsten, het uur waarop de geesten en demonen zich laten gelden.

Lotta Blokker stelde zichzelf de vraag wat er dan precies gebeurt. Als kind lag ze ook vaak ‘s-nachts wakker, denkend dat zij de enige was die wakker lag. Met dit gegeven als uitgangspunt maakte ze een serie van negen levensgrote, bronzen sculpturen die de gevoelens van de slapelozen uitbeelden.

66fyAFFIHpXNKMBm.jpgOndanks haar jonge leeftijd, ze is midden dertig, hebben haar beelden een immense zeggenskracht. Dat komt enerzijds door de enorme expressiviteit van de lichamen (vooral ook de gezichten) en anderzijds door het grote vakmanschap waarin de kwetsbaarheid is gevangen.

De beelden ontroeren en roepen vragen op over wat er met deze mensen aan de hand is. Wat is hun pijn, waaruit bestaat hun lijden. Of is het juist de alledaagsheid van het bestaan, dat gevangen wordt. Het lot dat ons allemaal te wachten staat, namelijk de ouderdom. Met gebreken maar ook met liefde.

De beelden laten je niet meer los, je wilt eigenlijk alles van de uitgebeelde mensen weten. En dat is een groot compliment aan de kunstenaar, die er in slaagt om de emoties op deze manier over te brengen.

iwRichAJvFoZCwGe.jpgGelukkig slaap ik redelijk goed en heb ik ook weinig last van nachtmerries of andere angsten. Dat stelde ons in staat om ook nog een andere tentoonstelling te bezoeken, Van Gogh tot Cremer – Nederlandse kunstenaars in Parijs.

Parijs heeft altijd een grote aantrekkingskracht gehad op kunstenaars. Dat begon eind 19e eeuw, toen Parijs zo’n beetje de kunsthoofdstad van de wereld werd. Ook veel Nederlandse kunstenaars, als Van Gogh, Van Dongen, Mondriaan, Appel en Cremer, trokken naar het zuiden om zich daar te laten inspireren door het artistieke, wereldse klimaat.

Hiernaast een intens werk van Kees Maks. Een vrouw met een felrode hoed, die uitdagend een sigaret rookt. Zo te zien in een café, drankje op tafel. Maks was een van de belangrijkste figuratieve kunstenaars van het begin van de 20e eeuw, die zich vooral toelegde op het mondaine uitgaansleven.

KxNXoxxJaFNo4JhS.jpgEen ander mooi werk dat er hing, was van Kees van Dongen. Van Dongen was een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het fauvisme, een beweging die gebruik maakte van felle, ongemengde kleuren. Dit schilderij van een echtpaar met dochter laat dit goed zien. Drie gezichten die ons aankijken, waarbij de vrouw slechts met lijnen wordt neergezet. Warm rood van het kind tegenover koel blauw van de man en de witte helderheid van de vrouw. Zij hangt aan de man alsof hij ieder moment kan verdwijnen. Weet ze al meer dan wij weten?

Tot slot een schilderij van Jan Cremer, die man die ons in 1964 choqueerde met het boek Ik, Jan Cremer. Waarna hij dat met zijn schilderkunst, peinture barbarisme, nog eens dunnetjes overdeed.

Zoals hij zelf zegt “Ik sta voor het doek en kwak emmers verf op het doek, ga wat met kwasten tekeer of met mijn handen en ziedaar….”. De vraag blijft dan wat je ziet in dit barbaarse schilderij. Wellicht een gezicht, felrode lippen en die zwarte streep. Het lijkt verdorie wel de vagina van een vrouw. Nou ja, een verdere verbeelding laat ik aan de kijker over.

CdgCtre9gKG1AIsB.jpg