Soms hoor je een heel vertrouwd geluid in de stad, een draaiorgel. De huidige draaiorgels op straat zijn echter geen schim meer van die prachtige grote orgels met een heerlijke klank. Maar op de Leidse Draaiorgeldag kom je nog van die kanjers tegen. Deze Leidse Draaiorgeldag is zo langzamerhand een traditie geworden. De grote en prachtige Hooglandse Kerk staat helemaal vol met draaiorgels, die afwisselend allemaal een deuntje spelen. Diepe klanken golven door die grote kerk, klanken die iets doen met het publiek.

Soms loop je zo maar tegen pareltjes aan. Pareltjes om te zien, om te proeven, om te horen. Zo liep ik vrijdag 4 februari tegen een hele grote parel aan. Een parel met de naam Gregory Page. Ik was overigens niet de enige, die Gregory als een parel zag, want hij stond die dag op de voorpagina van het Cultureel Supplement van de NRC. Dus dat wil wel wat zeggen.

En die parel stond dan zo maar, pardoes zou ik bijna zeggen, in het kader van Muziek in de Winkel in de Movies op het Levendaal. Hans van Polanen, een erkend parelduiker, was er weer eens in geslaagd om een parel in zijn zaak te krijgen.

En altijd komt er ergens een einde. Zo ook aan de Leidse Jazzweek 2011. Een week lang kolkte het van alle jazzsoorten, tijdens de inmiddels fameuze Kroegentocht, in de oude Waag, in de Stadsgehoorzaal, op allerlei plekken in de stad.

En het slot, de afsluiter, vond dit keer plaats in de Q-Bus. Een ideaal podium voor jazz- en aanverwante artiesten. Klein, intiem, gezellig, kroegachtig.